dinsdag 3 april 2012

I've had a dream 1

I’VE HAD A DREAM

6 nov 2008, 00:23
Jaja, op de dag nadat Barak Obama president van Amerika werd, ga ik deze blog schrijven.

Een groot aantal maanden geleden heb ik dit gedroomd.

Ik zat in de trein en keek aan de rechterkant uit het raam naar het landschap buiten. Een groot weiland, gescheiden door kleine slootjes en in de verte een rijtje bomen. Ik begin, mede door het ritmische kedeng-kedeng, in sluimerstand te raken. Tot ik opeens keihard opgeschikt wordt door een enorm harde knal. Zo hard dat de lucht ervan trilt en mijn oren beginnen te piepen. Ik schik heel erg en mijn hart klopt zo hard dat ik hem vasthoudt, bang dat hij mijn keel uitkomt. Tegelijk slaat de angst en paniek toe. Ik spring op, kijk om me heen en begin te roepen: “Wat was dat? Wat was dat?” en kijk om me heen. Links uit het raam zie ik in de verte in een soortgelijk landschap een landweggetje dat met een enorme ontploffing meters omhoog komt. Ik schik en de paniek slaat nu echt goed toe, ik wordt misselijk, ga terug zitten en begin te huilen. De trein vertraagd en komt langzaam tot stilstand midden tussen de weilanden. Opeens trekt beweging rechts mijn aandacht. Een aantal jongens in legerkleding marcheert in linie terwijl één van de jongens met overslaande stem roept: “één twee, één twee, één twee”. Mijn angst slaat over in verbazing. Die jongens zijn zo jong nog, dat ze de baard in de keel hebben. Een jaar of 13, 14 maar. Misschien iets ouder. Ze gooien met iets dat lijkt op een granaat. Zoveel verstand heb ik er niet van. En weer volgt een ontploffing. Ik schik er nauwelijks van. Wel begin ik me af te vragen waarom. Waarom doen die jongens dit? Waarom vernielen ze dit mooie rustige landschap? Waarom? Ik begrijp het niet en ik wil het graag begrijpen. WAAROM???

In een flits ben ik op het politiebureau om een verklaring af te leggen. In een koud kamertje wordt alles opgeschreven wat ik vertel. Als ik de kamer uit loop, sta ik even oog in oog met één van de jongens. Hij is geboeid en wordt naar een cel gebracht. Ik denk nog: “Goed, ze zijn dus opgepakt. Gelukkig!” Dit is mijn kans om mijn antwoord te krijgen. Ik loop achter de jongen en de agenten aan. In de cel zitten de andere jongens ook. Daar sta ik in de deuropening. De jongens kijken me verbaasd aan en zijn er stil van. “Waarom hebben jullie dat gedaan?” vraag ik. Stilte. Ik voel een brol in mijn keel opkomen. Snel nog een keer vragen: “Nou, waarom? Verder kom ik niet. Ik kijk ze vragend aan. Tranen vullen mijn ogen. De jongens zijn stomverbaasd. Ze halen hun schouders op en ik zie een klein beetje medeleven op hun gezichten. En een beetje schaamte ook. Ik begrijp niet goed wat er gebeurd, het gaat ook zo snel. Mijn verschijnen in de cel was het begin van een snelle kettingreactie van reacties over en weer. Vragend houd ik mijn hoofd schuin en begin te praten: “Waarom hebben jullie dat gedaan? Jullie maken alles kapot. Dat was zo’n mooi landschap en nu is er niks meer van over. Er zijn heel veel mensen die nu voorgoed leven in angst. Dat gaat ook nooit meer over. Wat is er met jullie gebeurd dat jullie dit soort dingen doen? Verveling? Hebben jullie iets gemist in jullie kindertijd? Liefde? Aandacht?” En terwijl ik praat zie ik in de ogen van de jongens dat ik elke keer raak schiet. Ik zie nu ook tranen in hun ogen. Ze laten hun maskers vallen en ik zie wie ze werkelijk zijn. Het zijn nog kinderen die zich groot voordoen om te overleven in een harde wereld. En terwijl ik me dat besef groeit een groot medelijden en sympathie. En dan zeg ik opeens: “Zijn jullie niet genoeg geknuffeld?” De brok in mijn keel zorgt ervoor dat ik geen woord meer kan zeggen als ik de reactie hierop zie. Hun koppies gaan scheef, als bij puppies, wanneer je de zak met voer uit de kast haalt. Verlangend naar een knuffel. Dan strek ik mijn armen uit en geef de leider van de club een echte knuffel. Hij en ik huilen beiden. Ik omdat ik weet dat ik iemands leven een mooie wending heb gegeven. Hij omdat hij heeft gekregen waar hij eigenlijk naar verlangde.

Als ik wakker word, huil ik nog steeds. Het duurt een hele poos om echt uit die droom te komen.
Het is midden in de nacht en wil het liefst mijn droom meteen aan John vertellen, maar die slaapt. Uiteindelijk heb ik mijn droom toch wel gedeeld met hem hoor. En nu ook met jullie. Het was zo levensecht dat ik alle details uit de droom nog weet.

Motto: Knuffelen en Liefde verspreiden!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten