dinsdag 3 april 2012

De onschuld van een kind

22-12-2009

No2 had op school voorlichting over alcohol, energydrinks en drugs gekregen.
Thuis vertelde ze er uitvoerig over. Ik dacht nog in mezelf "Blablabla..." en meer van die gedachtes. Want voor mij is dat al zo'n oud verhaal. Ik laat mijn kids nooit alcohol drinken. Zelfs niet een slokje. Dat komt wel als ze er oud genoeg voor zijn. daarbij kan dit kind heerlijk onsamenvattend vertellen en moet ik er bij haar altijd op letten dat ik in grote lijnen luister, anders raak ik de draad kwijt.
Opeens zei ze dat er toen gevraagd werd wie er wel eens alcohol had gedronken. Ik dacht meteen bij mezelf dat ik mezelf op mijn borst kon kloppen omdat ik haar nooit alcohol had laten drinken en tegelijkertijd vertelde ze dat zij de enige was die haar vinger had opgestoken. Even van mijn stuk gebracht keek ik haar vol ongeloof aan. Flitsen door mijn hoofd. Dat moet dan bij iemand anders gebeurd zijn. Wel eerlijk dat ze het ook gewoon zo tegen mij zegt. Ik probeer kalm te blijven. "oh ja joh, heb jij wel eens alcohol gedronken?" En heel nuchter antwoord ze dan: "ja mam, dat weet je toch. Een keer per jaar krijg ik altijd een glaasje alcohol van jullie." Ik schaam me dood. Doe ik dat echt?!? "Wanneer dan?" "Nou met nieuwjaar halen jullie altijd zo'n fles wijn met bubbels en daar proosten we dan altijd mee."
Ik lig terstond in een deuk. Zo slecht doe ik het dus niet als moeder. Ze bedoelde natuurlijk de fles bubbels die wel elk jaar steevast halen bij de HEMA met een plaatje van Jip en Janneke erop. Alcoholvrije Champagne!
Achossie. De onschuld... Nu moest ze er zelf gelukkig ook om lachen. En ze was nog wel zo trots dat ze als enige van haar klas het lef had om haar vinger op te steken. Dat zij wel eerlijk was...
Een paar dagen later vertel ik het voorval in haar bijzijn aan man en No1. Die moesten er ook smakelijk om lachen. Had ze nou maar haar mond gehouden, maar ze kon het niet laten om nog een opmerking te maken: "Maar ik heb wel een keer zo'n energydrink op, daar zit ook alcohol in!"

Je snapt wel, dat voor zover we nog niet van de bank gevallen waren, we nu over de grond rolden van het lachen.

Heerlijk toch, zo'n kind.

Oud

Ook uit de oude doos. In meerdere opzichten...
10-05-2008

Ik begeef me hier in mijn vrijwilligers werk en met mijn hobby’s heel veel tussen de oudere mensen. En daar komen steeds weer van die leuke en gezellige geluiden vandaan. Een uitstapje naar hier, naar het theater, of een busreisje, cursussen, gezellig een kopje koffie of een etentje, een fietstocht of een wandelroute, en zelfs op vakantie. Allemaal via of met de KBO! De oudjes hier in het dorp hebben het soms echt druk, ze zijn actief en onder de mensen (al zijn dat vooral ook andere oudjes). Maar het is leuk en ze praten er nog lang over na.

Regelmatig doe ik vrijwilligerswerk op de pastorie. Zo ook met Annie en Frida. Frida’s wereldje is eigenlijk al een beetje kleiner aan het worden. Ze heeft haar kinderen en haar kleinkinderen. Haar man is gestorven en ze woont in het bejaardentehuis. Een paar jaar geleden heeft ze iets gehad waardoor haar gezicht aan 1 kant verlamd is geraakt (ik denk een beroerte). Daardoor kan ze nu niet goed meer zien en omdat het er eng en lelijk uitzag was ze zich gaan isoleren. Maar nu ze merkt dat mensen gewoon tegen haar blijven doen en haar zelfs te hulp schieten om haar oog te druppelen, is ze niet meer te stoppen. Ze doet niet overal aan mee. En als ze meedoet met een activiteit, geniet ze er zo van dat ze er weken over blijft praten.

In het begin, toen ik Frida pas leerde kennen zei ik het nog wel eens, dat ze dat de week ervoor ook al had verteld, maar dat doe ik nu niet meer. Ik laat haar lekker vertellen en luister elke week geboeid naar haar verhalen die ze steeds weer met evenveel passie verteld. En als ze even niet meer weet wat ze ook alweer wilde vertellen vul ik haar aan, zodat ze zelf weer verder kan met haar verhaal.

Frida is één van de voorbeelden van het goede werk van de KBO. Er wordt niet alleen genoten van de activiteit zelf, maar op die leeftijd nog zoveel mooie, warme en nieuwe herinneringen maken, dát maakt de KBO zo bijzonder.
Alle Annie’s, Frida’s, Truus’en, Cees’en, Henken, Jannen, Ad’s en al die andere mensen hebben zo hun eigen verhaal. En ik weet zeker dat ze heel blij zijn dat deze vereniging bestaat en inspeelt op de behoefte van de 55 plusser van vandaag.

Ik hoop in ieder geval dat wij, John en ik, zodra we er ook aan toe zijn, zo mooi oud mogen worden als Frida en dat we na ons pensioen des te meer kunnen genieten van onze “oude”dag.

Manipuleren

19-01-2008

Dit verhaal is al weer een paar jaar oud, maar nog wel heel leuk!


No3 zit in de kleuterklas en begint een beetje manipulatief te worden. Zo kwam ze gisteren bij mij in bed gekropen om te vragen of ze op de computer mocht. Dat mag ze alleen op zondag en woensdag, dus ik zei “nee”. Toen begon ze toch een partij te huilen! Ik heb haar lekker laten huilen en ik heb voor haar gezongen en heb haar geknuffeld en ik zei dat het o.k. was en dat ze best mocht huilen en dat ik haar wel begreep en dat ik van haar hield enzo… Huilen huilen huilen en opeens stil. Pakt ze mijn gezicht vast. Zegt ze “mama ik hou van jou” dus ik zeg “ik ook van jou schatje” “hou je ook zoveel van mij dat ik op de computer mag?” Dus ik schiet in de lach en zeg “ik hou zoveel van je dat je níet op de computer mag”. Nou blèèèr!! Hahahaha. Ik moest zo erg lachen en even later moest ze er zelf ook om lachen. ‘sAvonds aan tafel verteld ze zelf het hele verhaal aan haar vader.
Geweldig, ik heb dit zo met No1en No2 helemaal niet meegemaakt. Vind het wel leuk, geeft een beetje jeu aan het leven.

Paradoxaal

22 jun 2008, 13:24

Mijn man vertelde me vanmorgen een paradox die ik wel de moeite waard vond om op te schrijven.

Wij hebben een gezin, drie opgroeiende kinderen, die we zoveel mogelijk willen begeleiden, zodat ze straks rechtvaardig, zelfverzekerd en sterk de wereld in kunnen gaan. Om dit te bereiken moeten wij, als ouders offers brengen. Offers van niet leuk en lief gevonden worden door de kinderen. Het kost ontzettend veel energie en wilskracht om steeds weer nee te moeten zeggen op iets wat zo leuk of lekker lijkt voor de kinderen.

Ze moeten op schooldagen op tijd naar bed. Waarom? Omdat ze de volgende dag anders niet fit en fris zijn. En dan kunnen ze minder goed leren en dat heeft dan weer gevolgen voor later. Dat wil niet zeggen dat ze het niet leuk vinden om eens langer op te blijven en wij vinden het ook wel gezellig als ze eens wat langer opblijven. En om eerlijk te zijn kost het af en toe best wat kruim om ze er toch op tijd in te hebben. Maar we doen het toch, voor het recht groeien van de kinderen.
En snoepen dan? Nog zoiets. Na schooltijd een snoepje en limonade. Ze willen nog wel meer snoepjes. Het liefst de hele snoeppot in één keer. Maar goed, als elk kind elke dag een hele snoeppot leeg zou eten, dan zou dat niet erg gezond voor het kind zijn. Het zou zichzelf klem eten aan snoep en snacks.
Ook zo met buiten spelen. Niet te ver weg en niet te laat thuis. We willen graag weten waar onze kinderen uithangen en met wie ze omgaan. Waarom? Omdat we niet willen dat ze verkeerd beïnvloed worden of dat ze meegenomen worden door een of andere engerd. Ja toch?
Zo zijn er heel veel regels die het kader aangeven waarin de kinderen zich vrij mogen bewegen. Ze moeten wel op tijd naar bed, maar zoek zelf een verhaaltje uit om voor te lezen, zoek je eigen pyjama uit, neem je lievelingsknuffel mee naar bed.
Ze mogen maar 1 snoepje, maar ze mogen zelf kiezen welk snoepje, of dat ze toch liever een koekje of bakje chips hebben.
Ze mogen niet te ver weg, maar wel mogen ze kiezen met wie ze gaan spelen uit de vriendjes en vriendinnetjes die ze hebben. En ze mogen kiezen wát ze dan gaan spelen. Keuzes genoeg voor de kinderen.
Probleem is dat er altijd wel iemand in de buurt woont die zo goed als geen opvoeding krijgt. Die mag opblijven tot hij omvalt van de slaap. ‘smorgens komt dat kind dan doodmoe op school om vervolgens in de klas in slaap te vallen. Maar verhalen dat hij heeft over wat hij op televisie heeft gezien! Nou, dat vinden zijn klasgenoten enorm interessant, zeker ook dat hij tot zo laat mag opblijven! En als dat kind honger heeft krijgt hij geen maaltijd met groenten en vlees, nee, snoep, koek, chips. En als moeder of vader honger krijgt rijden ze met de auto even langs de snackbar voor een zak friet, of bestellen ze een pizza. En niemand in de buurt kijkt er nog raar van op als ze ‘savonds laat van een vergadering thuis komen, dat ze bijna dat kind van de buren ondersteboven rijden als het met een rotgang door de straten racet op zijn fietsje. Of als je hem op het winkelcentrum met een groep hangjongeren het hoogste woord ziet voeren.
Het is zo’n randgeval. Moet je dan als buren ingrijpen? Kijken we met z’n allen een andere kant op?
Wat als jouw kind centraal staat in het leven van zo’n ontspoord kind? Als hij zijn verhalen steeds maar weer tegen jouw kind verteld op school? Als jouw kind na school met hem meeloopt en snoep krijgt, en chips en al wat het maar wil? Uiteindelijk is het wel heel stoer in de ogen van jouw kind. En dan kan jij als ouder wel zeggen dat het eigenlijk heel dom is. Het trekt zo’n kind wel aan, een leven zonder regels. Lekker makkelijk. Nergens rekening mee houden, doen wat je zelf wil, wanneer je wil en hoe je wil.
En wat nou, al je de kinderen vermanend toespreekt omdat ze de snoeppot hebben leeggegeten terwijl we binnen een half uur aan tafel gaan om te eten? De buurman heeft alles gehoord omdat ze buiten stonden toen ik het ontdekte. “Tjonge” denkt de buurman, “Zijn die even streng!” En als wij als ouders weg zijn, of ons kind loopt alleen op straat, en de buurman spreekt ze aan. De buurman, die vertrouw je toch gewoon? En hij zegt: “Sjee, wat heb jij strenge ouders zeg! Daar ga je toch niet dood van, een paar snoepjes meer of minder, dat maakt echt niet uit hoor! Als je geen snoep van je ouders krijgt, kom je maar gewoon hier snoep halen, ik heb genoeg.”

Eigenlijk is de kerk van God precies zoals mijn gezin. Er zijn nu eenmaal regels, zodat wij als mensen recht kunnen groeien. Eerlijk kunnen blijven. Binnen die grenzen zijn er nog tal van mogelijkheden. De kerk vraagt alleen maar of we ons aan zijn regels houden. Natuurlijk zijn er genoeg mensen om ons heen die ons van het rechte pad proberen te houden, of ons proberen te misleiden, zoals die buurman. Uit ervaring kan ik zeggen dat het echt niet moeilijk is te leven naar de geboden, de regels van de kerk. Het maakt ons leven juist makkelijker. Maar je moet er wel meer wilskracht voor tonen. Niet lukraak de weg van de grote meute volgen. Niet om altijd maar anders te willen zijn en je kont weer eens tegen de krib te gooien, maar omdat je dan beter kunt luisteren naar die ene persoon die heel persoonlijk met jou een band wil. Degene die echt om je geeft en van je houdt en die jou niet iets voorspiegelt wat in eerste instantie leuk en lekker lijkt. Maar jou het gereedschap aanreikt om een hoger doel te kunnen bereiken.

Ik hoop dat er mensen zijn die hier iets mee kunnen. Zichzelf de vraag durven stellen of ze werkelijk God willen volgen en hun kruis op willen nemen, of toch liever de makkelijke weg nemen. Wordt het de Highway of their way?

Op de groepsfoto

Op het moment dat groep 6B werd gehaald door de hulpmoeder zat No3 op het toilet. Ze werd er snel afgeroepen en gewezen in de richting waar ze naartoe moest, waarna ze meteen begon te rennen, zich halverwege bedacht en terugkwam. De hulpmoeder en ik waren even verbaasd, maar begonnen te roepen, hup No3, de groepsfoto! Je moet erbij zijn! Maar mevrouw dook onder de kapstok naar haar schooltas en haalde er 2 witte schoentjes uit. “Daar heb je geen tijd meer voor No3, je moet gaan NU!” Waarna ze snel de gang doorrende. En toen zagen we dat haar jurk in haar panty zat. De eerste poging van de hulpmoeder om haar er nog op te attenderen hielp niets, toen ik het door de gang riep en daarmee ook alle aandacht van de op de gang werkende kinderen trok, hield ze in om haar jurk uit haar panty te trekken, waarna ze snel rechtdoor rende, de deur waardoor ze naar buiten moest, passerend. De hulpmoeder begon erachteraan te rennen  met haar handen in de lucht van paniek en wijzend op de deur, wetend dat het anders echt niet meer goed zou komen riep ze: “No3 je moet buiten zijn!” Aan het eind van de gang hield No3 stand om tot de ontdekking te komen dat haar klas dáár niet was. Ze draaide zich om en zag de hulpmoeder op haar afkomen en rende naar haar toe en ging bij de deur naar buiten. Ik wist op dat moment nog niet hoe het was afgelopen, dat hoorde ik 'smiddags pas.
Het was gewoon heel erg hilarisch, zeker omdat alles zich in zo’n rap tempo opvolgde. Het duurde maar zo’n 2 minuten. Beetje slapstick, maar dan real life. Ik moet er nog om lachen. Dit zijn de juweeltjes die je cadeau krijgt als je op dezelfde school werkt als waar je kind naar school gaat;-)
Klasgenoten, de juf en de fotografen stonden al die tijd op haar te wachten en slaakten een zucht van verlichting toen mevrouw eindelijk op kwam dagen. Ze moest achteraan gaan staan op de groepsfoto en zodoende kon je haar witte schoentjes niet zien op de foto.

I've had a dream 1

I’VE HAD A DREAM

6 nov 2008, 00:23
Jaja, op de dag nadat Barak Obama president van Amerika werd, ga ik deze blog schrijven.

Een groot aantal maanden geleden heb ik dit gedroomd.

Ik zat in de trein en keek aan de rechterkant uit het raam naar het landschap buiten. Een groot weiland, gescheiden door kleine slootjes en in de verte een rijtje bomen. Ik begin, mede door het ritmische kedeng-kedeng, in sluimerstand te raken. Tot ik opeens keihard opgeschikt wordt door een enorm harde knal. Zo hard dat de lucht ervan trilt en mijn oren beginnen te piepen. Ik schik heel erg en mijn hart klopt zo hard dat ik hem vasthoudt, bang dat hij mijn keel uitkomt. Tegelijk slaat de angst en paniek toe. Ik spring op, kijk om me heen en begin te roepen: “Wat was dat? Wat was dat?” en kijk om me heen. Links uit het raam zie ik in de verte in een soortgelijk landschap een landweggetje dat met een enorme ontploffing meters omhoog komt. Ik schik en de paniek slaat nu echt goed toe, ik wordt misselijk, ga terug zitten en begin te huilen. De trein vertraagd en komt langzaam tot stilstand midden tussen de weilanden. Opeens trekt beweging rechts mijn aandacht. Een aantal jongens in legerkleding marcheert in linie terwijl één van de jongens met overslaande stem roept: “één twee, één twee, één twee”. Mijn angst slaat over in verbazing. Die jongens zijn zo jong nog, dat ze de baard in de keel hebben. Een jaar of 13, 14 maar. Misschien iets ouder. Ze gooien met iets dat lijkt op een granaat. Zoveel verstand heb ik er niet van. En weer volgt een ontploffing. Ik schik er nauwelijks van. Wel begin ik me af te vragen waarom. Waarom doen die jongens dit? Waarom vernielen ze dit mooie rustige landschap? Waarom? Ik begrijp het niet en ik wil het graag begrijpen. WAAROM???

In een flits ben ik op het politiebureau om een verklaring af te leggen. In een koud kamertje wordt alles opgeschreven wat ik vertel. Als ik de kamer uit loop, sta ik even oog in oog met één van de jongens. Hij is geboeid en wordt naar een cel gebracht. Ik denk nog: “Goed, ze zijn dus opgepakt. Gelukkig!” Dit is mijn kans om mijn antwoord te krijgen. Ik loop achter de jongen en de agenten aan. In de cel zitten de andere jongens ook. Daar sta ik in de deuropening. De jongens kijken me verbaasd aan en zijn er stil van. “Waarom hebben jullie dat gedaan?” vraag ik. Stilte. Ik voel een brol in mijn keel opkomen. Snel nog een keer vragen: “Nou, waarom? Verder kom ik niet. Ik kijk ze vragend aan. Tranen vullen mijn ogen. De jongens zijn stomverbaasd. Ze halen hun schouders op en ik zie een klein beetje medeleven op hun gezichten. En een beetje schaamte ook. Ik begrijp niet goed wat er gebeurd, het gaat ook zo snel. Mijn verschijnen in de cel was het begin van een snelle kettingreactie van reacties over en weer. Vragend houd ik mijn hoofd schuin en begin te praten: “Waarom hebben jullie dat gedaan? Jullie maken alles kapot. Dat was zo’n mooi landschap en nu is er niks meer van over. Er zijn heel veel mensen die nu voorgoed leven in angst. Dat gaat ook nooit meer over. Wat is er met jullie gebeurd dat jullie dit soort dingen doen? Verveling? Hebben jullie iets gemist in jullie kindertijd? Liefde? Aandacht?” En terwijl ik praat zie ik in de ogen van de jongens dat ik elke keer raak schiet. Ik zie nu ook tranen in hun ogen. Ze laten hun maskers vallen en ik zie wie ze werkelijk zijn. Het zijn nog kinderen die zich groot voordoen om te overleven in een harde wereld. En terwijl ik me dat besef groeit een groot medelijden en sympathie. En dan zeg ik opeens: “Zijn jullie niet genoeg geknuffeld?” De brok in mijn keel zorgt ervoor dat ik geen woord meer kan zeggen als ik de reactie hierop zie. Hun koppies gaan scheef, als bij puppies, wanneer je de zak met voer uit de kast haalt. Verlangend naar een knuffel. Dan strek ik mijn armen uit en geef de leider van de club een echte knuffel. Hij en ik huilen beiden. Ik omdat ik weet dat ik iemands leven een mooie wending heb gegeven. Hij omdat hij heeft gekregen waar hij eigenlijk naar verlangde.

Als ik wakker word, huil ik nog steeds. Het duurt een hele poos om echt uit die droom te komen.
Het is midden in de nacht en wil het liefst mijn droom meteen aan John vertellen, maar die slaapt. Uiteindelijk heb ik mijn droom toch wel gedeeld met hem hoor. En nu ook met jullie. Het was zo levensecht dat ik alle details uit de droom nog weet.

Motto: Knuffelen en Liefde verspreiden!